Lopen in de wind is stoer. Je voelt dat je buiten bent en je niet laat weerhouden door een beetje Hollands weer. Met onderstaande tips, wordt lopen met stormachtig weer nog leuker!

Tip 1: Stel je doelen bij
Met een stevige tegenwind is het soms hard knokken. Ook als je een rondje loopt en je dus ook het voordeel van de wind in je rug hebt. De vertraging van de tegenwind is groter dan het voordeel van wind mee. Loop je met behulp van een tijdsschema, houd hier dan rekening mee.  Op www.hetgeheimvanhardlopen.nl staat een handige calculator om je vertraging te berekenen.

Tip 2: Pas je kleding aan
De gevoelstemperatuur gaat flink omlaag door de wind. Pas je kleding daarom aan, bijvoorbeeld door een winddicht jack te dragen.

Tip 3: Start tegen de wind in
Als je bezweet tegen de (koude) wind in loopt, kun je snel afkoelen. In het begin zweet je nog niet en als je rondje toch zwaarder gaat dan verwacht, is het fijn dat je op de terugweg wind mee hebt.

Tip 4: Laat je droppen
Laat je met de auto afzetten op een plek van waaruit je met meewind terug kunt lopen. Je loopt wel het risico dat degene die je een lift geeft, je geen echte hardloper vind. En een beetje gelijk heeft hij of zij ook wel.

Tip 5: Bescherm je oren
Van koude wind langs mijn oren als ik naar school fietste, kreeg ik als puber al hoofdpijn. Een muts of hoofdband voorkomt steken in je hoofd door de kou. Je verliest sowieso veel minder warmte via je hoofd als je een muts of hoofdband draagt.

Tip 6: Ben blij met de extra trainingsarbeid
Lopen tegen de wind in, kost je extra energie. Flinke tegenTipwind is te vergelijken met een heuveltraining. Ben trots op jezelf en geniet van je prestatie.

Tip 7: Houd je haar in toom
Help mijn haar gaat door de war. Heel vervelend, zeker als  je lokken ook nog eens voor je ogen waaien. Draag een (extra) haarband of muts om je coupe op zijn plaats te houden.

Wedstrijdtip: Loop in de luwte van je medelopers
Tijdens een wedstrijd kun je proberen in de luwte van je medelopers te gaan lopen. Het is wel zo aardig om af te wisselen en ook een keer ‘aan kop’ te gaan.